Kinderen spelen steeds minder

Dit heeft te maken met verschillende factoren.
Kinderen besteden steeds meer tijd aan de tv, de pc of de tablet. Er is steeds meer speelgoed met batterijen wat de fantasie en oplossend vermogen in de weg staat en kinderen krijgen minder ruimte om vies te worden, zich te bezeren of iets stuk te maken. Om meer ruimte te creëren voor spel heeft Marianne de Valck de ‘schijf van 5’ voor spelen ontwikkeld. 

Het speelGOEDboek | Speelgoedinfo

1. De ‘schijf van vijf’ voor spelen

Het maakt niet uit welke leeftijd je kind heeft, afwisseling in zijn spel en in zijn speelgoed heeft hij altijd nodig. Het spel van je kind onderscheidt zich in vijf verschillende manieren, vijf ontwikkelingsgebieden.

2. Creatief

Dit is spelen met allerlei (kosteloze) materialen en er iets mooi van maken waarbij het gaat om het proces en niet om het eindresultaat. Ga lekker buiten vrij rondrennen of spelen in de modder. Ga eens verven met water, vingerverven en kleien op gevoel. Zing een liedje zonder op tekst of technisch goede uitvoering te letten. Iets aan elkaar passen of op elkaar stapelen. Je kan helemaal je eigen dingen verzinnen.

3. Constructief

Hierbij verzint je kind iets om te maken en werkt dan volgens zijn gemaakte plan naar dat einddoel. De bedoeling is om dat huis van duplo te bouwen, het probleem op te lossen, iets te maken volgens een (zelfbedacht) plan of die vloerpuzzel te leggen. Voorbeelden van materialen zijn: lege dozen, blokken, duplo, lego, k’nex, puzzelen.

4. Cognitief

Dit is een typisch spel waarbij ‘het koppie’ wordt gebruikt. De hersenen worden uitgedaagd doordat het spel of speelgoed is gericht op denken en spelen met verstand. Hierbij kan je denken aan onderzoeksactiviteiten zoals bloemetjes en diertjes in de natuur, liedjes zingen waarbij je geluiden maakt en meebeweegt, versjes en rijmpjes of informatieve boeken lezen.

5. Sociaal

Met elkaar spelen, het kind leert samenwerken met andere kinderen ( en volwassenen). Eerst door te kijken naar samenspel van anderen. Door naast de ander te spelen en vanaf ongeveer 4 jaar echt door samen te spelen. Voorbeelden: eenvoudige gezelschapsspelletjes, samen puzzelen, samen muziek maken, elkaar helpen, verhaaltje vertellen, tikkertje, elastieken.

6. Motorisch

In dit spel gebruiken we het hele lijf en is er aandacht voor bewegen. Dit kan fijn of grof motorisch gericht zijn, binnen en buiten plaatsvinden, met groot en klein speelgoed. Voorbeelden: 0-1 jaar: rollen met bal, hobbelpaard 1-2 jaar: optrekken, duwkar, loopfiets, spelen met zand, vingerverf, papier scheuren 2-4 jaar: trekdier (loop)fiets, schommel, wip, (vinger)verven bewegingsspellen en fijn-motorische spelen zoals strijkkralen en kralen rijgen.

Roundabout 2614145 1920 (2)

Wanneer gebruik je de schijf van vijf nog meer?

  • Als je kind met één stuk speelgoed speelt, kan hij daar op verschillende manieren mee spelen waardoor verschillende ontwikkelingsgebieden aandacht krijgen. Bij een auto kun je bijvoorbeeld een verhaal verzinnen (creatief), je kunt een weg aanleggen voor die auto (constructief), je kunt alle onderdelen benoemen (constructief), je kunt er samen mee spelen (sociaal) en je kunt ermee rondrijden (motorisch).
  • Houd de schijf van vijf in je achterhoofd om te bedenken wat je kind nog voor speelgoed zou kunnen gebruiken. Stimuleer het tot spelen, geeft het ruimte voor een eigen invulling? Groeit het speelgoed met het kind mee?  Leuk speelgoed lokt je uit om leuke dingen te doen. Zie ook de door SpeelGoed Nederland ontwikkelde speelgoedkoophulp. Kijk op www.speelgoedinfo.nl
  • Gebruik de schijf van vijf bij het kopen van sinterklaascadeautjes. Vijf kleine pakjes zijn nu eenmaal leuker dan één groot cadeau. En je hebt meteen een lijstje: iets creatiefs, iets constructiefs, iets cognitiefs, iets sociaals en iets motorisch.
  • Help je kind om zijn dag te vullen met iets uit de vijf vakken van de schijf van vijf.
  • Organiseer je een kinderfeestje? Een programma heb je zo samengesteld als je activiteiten kiest uit de vijf vakken.
  • Wat is de juiste hoeveelheidspeelgoed.? Voor elk speelgoed is een juiste hoeveelheid te vinden; meer blokken bevorderen het bouwen; één pop met toebehoren kan veel fijner zijn dan veel poppen zonder toebehoren. Eén game uitspelen is veel moeilijker dan van iedere game de levels 1 en 2 beheersen.

Bron: Het speelgoedboek, eerste hulp bij het kiezen van speelgoed, Marianne de Valck

 

Children 2608936 1920

Pedagogisch medewerker aan het woord: Hoe geef je kinderen meer ruimte tot spel?

  • Als pedagogisch medewerker heb je ook een belangrijke rol in het (laten) spelen van je kind. We geven aan wat kan en wat mag.
  • Binnen het Kindcentrum zorgen we dat er tijd én een plek is om te spelen. Dat kunnen natuurlijk ook meerdere plekken zijn: binnen, buiten, in het bos, in de speeltuin. We geven kinderen ook het speelgoed dat zij nodig hebben om mee te spelen. 
  • We volgen het spelen van je kind. Wil je kind je iets laten zien? Wil hij dat je meespeelt? We geven dan de aandacht waar hij om vraagt. Dat kan niet altijd, maar we laten zien dat zijn spel ons interesseert. 
  • We stimuleren kinderen en dagen hen uit. We laten bijvoorbeeld zien dat je met één stuk speelgoed verschillende spelletjes kan doen en bieden speelgoed aan dat uitdagend, maar niet té moeilijk is. 
  • We geven kinderen altijd een complimentje als zij  lekker gespeeld hebben. Door waardering weten zij dat ze goed bezig is en krijgen ze meer zelfvertrouwen.